Ja, natúúrlijk gaan de gesprekken aan tafel ook vaak over tennis. Dat is best logisch bij het sportieve gezin Van Nunspeet uit Delfgauw. Moeder Merle (48), vader Wouter (52), de dochters Sarah (18) en Norah (13) en zoon Thom (16) kennen allemaal de charme van tennis. ‘Dit is een sport voor het leven.’
De mussen vallen van het dak, Nederland snakt naar schaduw, maar Wouter en Sarah staan al vrolijk op de baan – in de brandende zon. Niet om zelf te tennissen, maar vader en dochter geven vandaag tennisles. “Vanavond van zes tot tien uur”, aldus Wouter, die pas als veertiger de lol van het lesgeven ontdekte. “Mooi om anderen te inspireren met de sport waaraan ik zelf zoveel plezier beleef.’’
Die inspiratie kregen zijn kinderen uiteraard van jongs af aan. “Mijn ouders waren altijd lekker fanatiek”, zegt Sarah, die ooit droomde van een carrière als prof. “Ik heb ook aan wedstrijdzwemmen gedaan, daarin werd ik vrijgelaten. Maar ik koos toch voor tennis, dat vond ik toch gezelliger”, aldus Sarah, als ze net de jongste jeugd les op een ontspannen manier de fijne kneepjes heeft bijgebracht.
Sarah weet inmiddels dat je tennis op alle niveaus kunt doen. “Ik wilde een tijd echt de top bereiken.’’ Met wat zelfspot: “Helaas was ik vooral ‘kampioen van de training’, in wedstrijden had ik last van spanning. Nu tennis ik vooral voor de gezelligheid en geef les, daar heb ik veel plezier in. En ik zal altijd zelf blijven tennissen. Je ontmoet vrienden en vriendinnen, dit is een sport voor het leven.”
Dol op de mix
Dat laatste kan moeder Merle alleen maar beamen. “Ik kom zelf uit een tennisfamilie. Allebei mijn ouders stonden tot in de 80 op de baan.” Ze begon al op haar zesde, ze is inmiddels al ruim 40 jaar bevriend met haar beste tennisvriendin. Merle is naar eigen zeggen dol op het gemengd dubbel en dat nam ze ruim 25 jaar geleden heel letterlijk: ze leerde haar man Wouter kennen op de tennisbaan. “We hebben heel lang samen gemixt.” Lachend: “Nee, ik viel in eerste instantie niet op zijn verwoestende smash, meer voor zijn mooie krullen”, aldus Merle, die na de geboorte van haar kinderen tijdelijk stopte met competitietennis.
“Het bleef altijd kriebelen, maar ik vond het ook heerlijk om gewoon naar de vereniging te gaan en de kinderen te steunen bij wedstrijden en trainingen. Dit jaar ben ik pas weer begonnen met competitietennis. Ik vind het zó heerlijk. Op de baan wil ik nog steeds erg graag winnen, maar voor mij zit de charme vooral in het sociale karakter van de sport. Nieuwe mensen ontmoeten, samen met je teamgenoten en de tegenstander na afloop wat drinken en wat eten, daar geniet ik erg van.’’ Lachend: “Wat ook grappig is: ik ben jarenlang bij de kinderen gaan kijken. Nu staan ze bij mij aan de kant, komen ze kijken hoe mama op de baan staat te stuntelen.’’
Verenigingsmens
Ook vader Wouter is een echt verenigingsmens. Bij het Delftse DTB kwam hij als spelend lid in aanraking met diverse commissies, waar hij op een gegeven moment de vraag aan zichzelf stelde: wat kan ík voor de vereniging doen? Hij ging de trainersopleiding volgen en daar heeft hij geen moment spijt van. “Ik heb een fulltime baan naast het tennis en geef ’s avonds veel les. Dat zijn best lange dagen, ja, maar de gezelligheid van een vereniging, lekker buiten bezig zijn, het enthousiasme als je een balletje gaat slaan: dat gééft je ook weer energie.”
Bron: Sportnieuws